Goud vis

de MENSENVISSER

Ik weet weinig van vissen.  Een buurman liet me dat eens leuk merken.  Hij vertelde dat hij haring had gevangen in zo’n waterplas langs een autosnelweg. Ik nam dat zonder meer van hem aan.  Maar het was natuurlijk een beetje dom van mij.  In zo’n gat is het water zoet. En niet zout, zoals de haring nodig heeft.

Maar ik verdiep me wel in de grote vis, beter bekend als de walvis,  in het bijbel boek JONA.

En het lijkt wat onnatuurlijk en niet goed voor mijn gezondheid, maar ik ben liever een vis op het droge, dat een ‘vis’ in het water. Ik hoor niet in het water.

In de bijbel gaat het  over vissers. Enkele leerlingen van  Jezus zijn visser van beroep. Jezus vertelt daarom over vissers en vissen om hun iets uit te leggen. Op een goed moment zegt hij tegen hen: “Ik zal vissers van mensen van jullie maken.”

Mij is vroeger  verteld dat Jezus bedoelt dat we ongedoopte mensen tot christen moeten maken.  We moeten ‘zieltjes winnen.’

Ik voel me veel meer gedragen door de uitleg dat we ongedoopte mensen  niet moeten vangen, maar moeten opvangen. Dat betekent dat we hen beschermen moeten, veiligheid moeten geven en voedsel. Zo versta ik het woord mensenvisser ook. Mij inzetten voor armen en uitgeslotenen.

Zo uitgelegd vind ik  zo’n zinnetje een geschenk. Zulke geschenken beuren mij  op. Daar krijg  ik weer energie en inspiratie door. Gebeurt dat jou ook wel eens?

Maak het goed. Zo goed als je kunt.

ben

 

 

 

 

Laat een reactie achter